Wat er vooraf ging
Hoe het begon.
In 2015 ging ik naar Spanje, samen met een vriendin die mij hielp, op zoek naar mijn droompaard. Voordat we er waren had mijn vriendin al contact gehad met enkele fokkers die zij kende om te informeren naar paarden die voor mij passend zouden zijn. Ik zocht een gezond, braaf paard waar ik gewoon lekker op kon rijden. Ik wilde een beetje dressuren maar het liefst fijne tochten door de natuur maken. Ik was geen daredevil dus zocht ik echt een braverik. Ik hoefde geen wedstrijden te rijden, hij hoefde niet spectaculair te bewegen of veel talent te hebben.
Cantero was een hengst van zeven jaar, ik had al wat foto’s gezien en keek er naar uit om hem in het echt te zien. Hij werd voorgereden door een jongen van een jaar of 10. Daarna heb ik zelf even gereden en daarna nog mijn vriendin. Bij alles, het opzadelen, rijden, afspuiten, was hij zo braaf. Hij schrok niet eens van een wapperende plastic zak. Dit was precies waar ik naar op zoek was.
Ik kon niet wachten tot hij in Nederland was. Enkele weken na de aankoop werd hij door een internationaal paarden-vervoer-bedrijf naar Nederland gebracht. Hij kwam alert maar braaf de trailer af en kreeg een plekje op stal. Omdat hij nog hengst was, was er geen andere optie dan hem voorlopig op stal te houden.
De eerste keer rijden in Nederland ging hartstikke goed. Alleen bij het opstappen wilde hij niet erg stil staan. Dat deed hij in Spanje ook niet, maar toen stond er iemand bij om hem vast te houden. Ik schonk er niet teveel aandacht aan. Ik reed gewoon voor het eerst op mijn eigen paard! De dag erna ging ik weer rijden en toen ging het mis.
De val
Bij de tweede keer rijden in Nederland bleef hij weer niet erg stilstaan bij het opstappen. Ik had ook niet een heel geschikt opstapkrukje, maar er lag wel een autoband zodat ik net íetsje hoger stond om op te stappen. Hij bleef wat draaien en het werd erger toen ik de teugels korter pakte, dus gaf ik hem iets meer ruimte op de teugel. Het lukte me om op te stappen, maar precies op dat moment spoot hij er vandoor. Vanwege de val die volgde heb ik weinig herinneringen van het ongeluk. Vaag herinner ik mij dat ik links over zijn schouder ben gevallen. Rechts had ik een blauwe hoefafdruk op mijn heup en een zandafdruk op mijn cap, dus vermoedelijk heeft hij mij getrapt in mijn val. Ik had geheugenverlies en bleef afwisselend mijn man en mijn moeder bellen, omdat ik steeds vergat dat ik ze al gebeld had. Mijn man kwam mij halen en werd op dat moment ook maar gelijk aan Cantero voorgesteld. Alsof hij daarop zat te wachten (“kijk, dit is het paard dat ik heb uitgekozen en die mij bij de tweede keer rijden al zo toegetakeld heeft”). Want ondertussen werkte mijn geheugen nog steeds niet en moest ik hondsberoerd (met een emmertje uit de stalkast) richting huisartsenpost. Vervolgens is er in het ziekenhuis een scan gedaan maar gelukkigwerd geen bloeding aangetroffen. De conclusie was dus een hersenschudding en ik moest dus rust nemen.
Eenmaal hersteld ging ik gelijk op onderzoek uit hoe dit ongeluk had kunnen gebeuren. Eén van de dingen die aangepakt werd was het zadel dat vermoedelijk niet lekker lag. Ik werd een stuk voorzichtiger met rijden, of eigenlijk vooral met opstappen. Vaak vroeg ik of iemand hem even vast kon houden bijvoorbeeld. Maar verder reed ik nog wel lekker verder. Hij ging heerlijk draven als ik hem lange teugel gaf en ik kreeg complimenten over hoe goed hij bewoog.
Nog een val
Een paar maanden later (Cantero was inmiddels geruind) volgde een tweede val. Ik was aan het uitstappen met lange teugel toen een ander paard schrok en ging rennen. Cantero bleek ook héél hard te kunnen rennen en in volle galop een krappe bocht te kunnen nemen. Ik kon hem niet remmen, vloog de bocht uit en landde op mijn kont. Op zich was er niks ergs aan de hand, behalve een pijnlijk stuitje. Maar daar, op dat moment, is het stemmetje in mijn hoofd geboren. Hij kan dus ineens gaan rennen en is dan niet meer te houden. En hij schrikt uit zelf niet zo erg van prikkels, maar reageert wel heel erg op andere paarden die schrikken. Hierna heb ik hem heel lang geen lange teugel meer durven geven… En dan bedoel ik járen. Ik was op dat moment het erf nog niet met hem afgeweest en had daarna ook geen plannen meer om dat te gaan doen. Wat als zoiets buiten zou gebeuren? Het rijden werd daarna een stuk spannender.
Verhuizing
Eind februari 2017, ruim een jaar na het vorige incident, verhuisde Cantero naar onze huidige stal. Een fijne 24/7 buiten-stalling aan de bos/duinrand. Ik had geen trailer maar de afstand was prima lopend te overbruggen. Vooraf had ik de route verkend. Ik had besloten om voor zolang het goed ging in het zadel te gaan en mijn man was op de fiets mee. Daar gingen we, onze eerste buitenrit. Ik was bloednerveus (voor het eerst buitenrijden, lange rit, verhuizen…) maar Cantero deed het voorbeeldig. Het grootste deel heb ik gereden en het laatste stuk gewandeld. Dat laatste was eigenlijk noodgedwongen door een incidentje onderweg. Hoewel ik de route vooraf verkend had, had ik een stukje route door het bos niet verkend. Daar wist ik het dus niet helemaal precies, maar er was een heel groot breed pad waar ik over kon en mijn man met de fiets bij kon blijven. Ik wist niet heel erg dat er naast dat pad een ruiterpad liep, maar goed, daar had mijn man ook niet met de fiets mee gekund. We waren bijna op het eind van het pad toen een man nogal boos ging doen omdat ik daar niet met een paard mocht komen. Ik excuseerde mij, zei dat ik aan het verhuizen was, de weg niet goed kende en graag bij mijn man die op de fiets was bleef. De man bleef boos. Een andere voorbijganger zei vervolgens dat ik mij er niks van aan moest trekken, de boze man was zelf in overtreding want hij had zijn hond los lopen. Dat mocht daar niet. Mijn man en ik gingen verder, maar ik was een beetje ontdaan van het boze gedrag van die eerste man, dus ik wilde even afstappen. Vervolgens lette ik niet goed op de teugel, Cantero gooide zijn hoofd naar beneden (om even zijn hoofd aan zijn been te schuren), stapte vervolgens op de teugel en trok zijn hoofdstel stuk. Onder het hoofdstel zat zijn touwhalster, dus op zich was het geen ramp. Maar om nou met alleen het touwhalster te aan rijden… Dat ging mij toch te ver. Dus de verdere route hebben we gewandeld.
Zo kwamen we veilig aan op zijn nieuwe stek. Wat een goede ervaring. Cantero leek ook geen last te hebben van mijn zenuwen, hij bleef zijn rustige zelf.
Eerste bosrit
Een week of wat later vroeg een stalgenootje of ik mee ging op buitenrit. Een andere stalgenoot ging ook voor het eerst met haar paard mee. Door de positieve ervaring van de verhuizing zag ik het wel zitten. Met z’n drieën vertrokken we. Het bos in linksaf en na wat eerste heuvels vroeg de ervaren buitenruiter of we een stukje konden draven. Haar draf bleek voor Cantero en het andere (Spaanse) paard direct galop te zijn. De ander ging bokkend in galop, Cantero was op zich braaf maar door de galop of het tempo of het bokken van het andere paard was de energie/stress gelijk mega hoog. Ik schrok mij kapot, dit had ik niet aan zien komen! Het was maar een klein stukje, maar jemig wat een stress gierde er door mijn lijf (en ik denk ook door Cantero).
We gingen terug naar stap en iedereen zat nog. Ik was eigenlijk op dat punt al wel klaar en wilde het liefst rechtsomkeert maken. Maar de ander was weinig onder de indruk van de bokkende galop dus ik voelde mij een aansteller en zei dat ik het goed vond om verder te gaan.
We waren nog niet ver van huis en kwamen op ‘de vlakte’ (een kleine open duinvlakte). In ene schrok Cantero ergens van en hij spoot er vandoor. Hij vloog het pad af de vlakte op, terwijl de andere twee paarden op het pad bleven staan. Omdat het hier open was kon ik hem na een aantal meter de bocht om sturen waardoor hij remde en ook zag dat de andere paarden gewoon nog op het pad stonden. Ik ben er niet afgevallen, maar de schrik zat er goed in. Wat een ellende, dat buitenrijden! Twee keer in vijf minuten dat de stress door het plafond schoot. Dus toen wilde ik helemaal het liefst terug naar stal. Maar ja, ik wilde de anderen ook hun ritje niet afpakken. We waren zeg maar een kwartier op pad… We zouden een heel klein rondje doen, dus ik stemde in om verder te gaan. De rest van het ritje gaven nog een paar flinke paniekmomenten, hoewel Cantero er niet meer echt vandoor is gerend. Maar wel van die schrikmomenten met het hart in mijn keel. Het ‘kleine rondje’ was dan qua afstand niet erg ver, maar de tijd die we van huis waren was voor mij veel te lang. Op de terugweg moesten we een klein ommetje maken om door het hek het bos uit te kunnen. Ik kon wel janken dat ik de stal al zag maar we nóg verder door moesten (het gaat maar om een paar minuten, maar dat was mij al teveel omdat alles mij op dat moment teveel was). Tjonge, wat was ik blij dat ik heelhuids terug op stal was. Dit ging ik zo dus niet meer doen!
De jaren er na
Na die eerste bosrit ben ik heel lang niet meer naar het bos ben gegaan. Ik bleef wel lekker op stal rijden. Lang daarna heb ik, verdeeld over een tijdsbestek van meerdere jaren, een handvol bosritjes gemaakt met stalgenoten samen. Wat mij bij is gebleven is dat ik het altijd ‘te ver’ vond. Het ging altijd over mijn grens qua wat ik aankon. Mijn ‘emotionele conditie’ kon zeg maar 10 minuten aan, maar de ritten waren altijd gelijk minimaal een uur… De ritten gingen wel goed, maar gaven mij (en Cantero) wel heel veel stress.
Ik reed wel in de bak, maar ook daar ging het niet soepel. Met momenten van plotseling wegrennen en niet meer te stoppen. Verschillende zadels passeerden het revue, we probeerden bitloos maar dat werd gevaarlijk, dus weer naar een bit. Bloedonderzoeken, supplementen, lessen… Periodes heb ik helemaal niet gereden omdat het zo onveilig voelde (en was). Met hulp van een coach pakte ik het weer op. Dit ging van alleen op- en afstappen naar opstappen- één volte stappen- afstappen, naar iets langer stappen, naar een klein drafje erbij. Het hielp mij om elke keer te denken: “vandaag ga ik alleen maar een rondje stappen, meer niet.” Als ik dan dat rondje gestapt had dan durfde ik nog wel een paar rondjes. En dan ging het eigenlijk wel zo goed dat ik een stukje durfde te draven. En ik pakte op een gegeven moment ook weer kleine galopjes mee, maar áltijd met spanning.
Vrijwel altijd ging het goed, maar héél soms schoot hij dan in ene even weg. Ik leerde hoe ik Cantero al kon stoppen voor hij écht weg kon rennen door hem op een kleine volte te sturen zodra ik hem voelde gaan. Als ik hem dan weer tot stilstand had stapte ik direct af, met mijn hart in mijn keel. Later lukte het mij om na zo’n schrikmoment nog even door te rijden. Ook dat bouwde ik uit. Het wegschieten kwam trouwens ook steeds minder vaak voor.
We gingen vooruit. Ik durfde steeds meer, maar de angst bleef echter altijd. Losse teugel alleen in stap. Altijd spanning voor galop. Met name het aanspringen in galop. Maar ook als hij ietsje versnelde, dan nam ik hem gelijk weer terug. Altijd rekening houden met wind, ‘enge hoeken’, ligt het zadel wel goed? Etcetera. Als er dan iets was, enige vorm van twijfel, dan stapte ik niet op of ik stapte direct af. Sowieso reed ik vaak maar kort. Stap, stukje draf, halve volte galop, ja ik had het overleefd, nu mag ik er weer af. 20 minuten ofzo. Doodvermoeiend om altijd maar stress te ervaren. En de spanning was natuurlijk doorgaans niet nodig want over het algemeen was hij erg braaf.
Het bos in
2022
In 2021 kreeg Cantero droes. Hij was een paar weken ontzettend ziek met hoge koorts. Ik ging twee of drie keer per dag bij hem langs en heb mij bij momenten erge zorgen om hem gemaakt. Het leek ook onze band te versterken. Waar ik voor die tijd altijd het gevoel had dat het hem niks uitmaakte of ik er wel of niet was, leek hij in zijn ziek zijn erg naar mij toe te trekken. Hij zocht me op en keek me na als ik weg ging. We moesten drie keer naar de kliniek, wat voor mij ook nieuwe spannende ervaringen waren. De laatste keer bracht een stalgenoot mij met haar trailer. We moesten een tijd op het parkeerterrein van de kliniek wachten en Cantero werd pas rustig toen ik bij hem was (ik moest eerst even weg om ons aan te melden, toen was hij erg gestresst). Zou hij dan toch ook wel meer een lijntje met mij hebben dan met andere mensen? En niet alleen met zijn kudde?
Na die ziekteperiode pastte het zadel niet meer en gesterkt met het idee dat ik hem blijkbaar rustig kon maken op vreemd terrein besloot ik met Cantero te gaan wandelen. Dit was rond maart 2022. Zo kwamen we weer in het bos. Ik besloot steeds dezelfde route te nemen en de afstand elke keer iets uit te breiden. Ik dacht, als hij dit paadje goed leert kennen, dan gaat het vertrouwd voelen. Dat werkt, Cantero was best oké in het bos.
Het werd voorjaar en de blaadjes kwamen terug aan de bomen, wat er toe leidde dat Cantero onderweg wilde eten. Als ik hem de ruimte gaf aan zijn halster kregen we dus bij elke tak discussie over wel of niet bladeren happen, maar kort vasthouden liep ook niet fijn. En het zadel was inmiddels aangepast, dus ik dacht, ik kan er wel weer op (met twee teugels kan ik zijn neus makkelijk sturen en is hij dus minder geneigd om overal te gaan eten). En zo gingen we, op ons vertrouwde paadje. Vijf minuten het bos in en weer terug, één bochtje verder en weer terug, tot het watertje en weer terug, tot de omgevallen boom en weer terug. Elk stukje voelde als een overwinning. Ik bouwde emotionele conditie op en kon het steeds langer volhouden in het bos zonder teveel spanning. En Cantero ook. Het bleef overigens bij kleine stukjes.
Er kwam een nieuwe bijrijdster op mijn pad met veel buitenrij-ervaring. En na een korte periode kennismaken op stal ging zij ook met Cantero het bos in. Omdat zij niet zo’n last had van een beperkte emotionele conditie ging zij met Cantero direct veel verder. Dat ging prima en naar haar zeggen heel ontspannen. Tot het mis ging. Cantero ging ‘in ene’ rennen, zij kon hem niet meer stoppen en besloot zich te laten vallen. Het is goed afgelopen, maar het was voor haar een reden om te stoppen met Cantero en voor mij tóch ook weer een reden om niet meer naar het bos te gaan.
2025, Minder angst
In ene merkte ik bij het rijden op stal dat ik minder angst had. Ik weet niet waar het door kwam, maar ik durfde hem aan te sporen in draf, langere stukjes te galopperen en ik voelde mij gewoon echt niet bang meer. Hoewel ik hiervoor ook dacht dat ik niet bang meer was, voelde ik mij nu nog zoveel meer zelfverzekerd en rustig. Wow, wat een verandering. Want het was écht een grote verandering. Het enige waar ik die verandering door kon verklaren is de re-attach therapie die ik had gevolgd. Ik had deze therapie gevolgd om beter om te kunnen gaan met prikkels (ik kan soms erg overprikkeld raken), niet met het doel om minder angst te ervaren. Maar mijn angst in het zadel was weg. Of misschien was dat wel gewoon het resultaat van toch jarenlang mijzelf blijven pushen.
Hoe dan ook, het bos bleef roepen. Dus zou ik misschien toch weer?